dinsdag 5 november 2013

Opinie: 'Geen effectieve rechtsbijstand voor militairen in Mali bij schietincidenten'

Door Sébas Diekstra
Advocaat Militair Straf- en Tuchtrecht

Het kabinet heeft ingestemd met een militaire missie naar Mali. Het is een missie in een fragiele regio met duidelijk risico’s. Ook lijkt het onvermijdelijk dat er gevochten zal worden. Het Ministerie van Defensie heeft laten weten dat onze militairen goed materieel meekrijgen, maar krijgen zij ook effectieve rechtsbijstand als zij bij schietincidenten betrokken raken? Dit laatste blijkt nog niet het geval.

Als militairen tijdens een missie betrokken raken bij een schietincident dan worden zij in principe als getuige gehoord. De verklaringen die de militairen afleggen als getuige kunnen later mogelijk belastend zijn wanneer zij als verdachte worden aangemerkt. Dit is een onwenselijke situatie. Militairen moeten in hun bereidwilligheid om verklaringen af te leggen enigszins worden beschermd, al is het maar tegen zichzelf. Militairen doorzien niet altijd de reikwijdte van hun verklaringen.

Militairen moeten bij schietincidenten altijd op hun rechten worden gewezen. Met name het recht om te zwijgen en het recht op consultatie van een advocaat. Zij dienen slechts gehoord te worden in het bijzijn van een advocaat. Dit geldt eveneens voor verhoren door de commandant. Uit de vele voorbeelden uit de militaire praktijk blijkt dat militairen tijdens missies vaak al gehoord worden zonder dat zij een advocaat hebben kunnen raadplegen.

In sommige gevallen worden militairen wel in de gelegenheid gesteld om met een advocaat in Nederland te bellen. Dit is echter onvoldoende om te spreken van effectieve rechtsbijstand. Het doel van consultatie van een advocaat is de militair bewust maken van de consequenties van zijn eventuele verklaringen. Dat vergt een sfeer van vertrouwen en van rust. Daarvoor is dan ook face-to-face contact vereist. Dat kun je middels een telefoongesprek of videogesprek op afstand niet of onvoldoende bereiken. Daar komt nog bij dat bij gebruik van het (tele)netwerk van Defensie de vertrouwelijkheid geenszins is gewaarborgd.

Natuurlijk is het uitermate onhandig als een militair op missie een advocaat wil consulteren, want deze is ter plaatse niet voorhanden. Maar er worden wel parlementsleden, ministers en journalisten ingevlogen. Een enkele advocaat kan daar ook nog wel bij. Om de advocaat snel te kunnen oproepen en in te kunnen vliegen zal er een officiële piketregeling moeten komen. Deze piketregeling zou er voor moeten zorgen dat er altijd een advocaat beschikbaar en bereikbaar is om af te reizen naar het missiegebied.

Mede gelet op de grote nationale belangen die zijn gediend met de militaire missies in het buitenland zou het op de weg van het kabinet liggen om met een gedegen regeling met rechtswaarborgen voor de militair te komen. Helaas is er nog weinig beweging bij hen te zien. Sterker nog: kort geleden hebben de verantwoordelijke bewindspersonen, te weten de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en de minister van Defensie bij de beantwoording van Kamervragen van Tweede Kamerlid Eijsink over het militair strafproces op geen enkele wijze laten blijken zich bewust te zijn van het gebrek aan waarborgen voor de betrokken militair.

Duidelijk is dat er nog niet gesproken kan worden van effectieve rechtsbijstand voor militairen op missie. Dit geldt dus ook voor de nieuwe missie naar Mali. De afwachtende houding van de verantwoordelijke bewindspersonen doet geen recht aan de militairen die over de gehele wereld opereren met alle gevaren van dien. Onze militairen verdienen beter!

Sébas Diekstra

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen