woensdag 12 september 2012

Reportage aan boord van een NAVO AWACS

NAVO onderschept Russische bommenwerpers

door Gerard ten Voorde

GEILENKIRCHEN a/b Awacs – Nederlandse, Britse, Duitse en Deense gevechtsvliegtuigen hebben gisteren jacht gemaakt op twee Russische Bear­bommenwerpers. Met succes. Mede dankzij twee Awacs. „Ready for take-off.”

7.00 uur. Het landschap glooit, de ochtend gloort. De crew van een Awacs-radarvliegtuig op de NAVO-luchtmachtbasis Geilenkirchen –bij Heerlen– maakt zich op voor een trainingsmissie boven Denemarken.

Langzaam taxiet het E-3A-toestel met een grote schotel op z’n rug naar startbaan 09/27. In 
de krappe cockpit zitten twee piloten, een navigator, een boordwerktuigkundige én een verslaggever. Met opgetrokken knieën.

De toren geeft toestemming voor vertrek. De motoren van de Boeing 707 –ontwerp jaren vijftig– brullen. Twee links, twee rechts. Het bejaarde beestje (lengte 46,68 meter, 12,70 meter, spanwijdte 44,45 meter) trilt en schokt.

Snel en doelgericht werkt gezagvoerder Daniël Houtsma de vliegprocedures door. Checklist onder handbereik. „Het is een spartaanse kist. Een passagiersvliegtuig telt twee piloten, wij zijn met z’n vieren. We moeten alles nog met de hand doen”, aldus de oud-F-16-piloot. „Echt ambachtelijk.”

Een zuurstofmasker bungelt aan de wand. De hoogte­meter klimt snel: 300, 900, 1200 meter... Vanuit de cockpit is de onnavolgbare gang van de Maas door het Duits-Nederlandse grensgebied goed te zien. Het water glinstert.

Aan de slag
Op pakweg 10 kilometer hoogte kan de cabinebemanning aan de slag. Acht nationaliteiten storten zich op de systemen. Amerikanen, Duitsers, Nederlanders, een Italiaan, een Turk, een Belg, Spanjaard, een Canadees en een Pool. „We zijn de eerste multinationale eenheid”, zegt plaatsvervangend NAVO-commandant Ton van Happen van de Awacs-eenheid niet zonder trots aan boord.



Met zeventien radarvliegtuigen controleert de NAVO het luchtruim van de bondgenoten. Behalve die van de Amerikanen, Britten en Fransen, die doppen hun eigen boontjes.

Een Awacs kan dankzij een reusachtige schotelantenne van dik 9 meter met hypermoderne systemen zo’n 300 kilometer ver kijken. De radar maakt elke tien seconden een volledige omwenteling. „Deze kisten zijn de oren en ogen van de NAVO”, stelt woordvoerder Wilko ter Horst.

De Boeing oogt als een moderne meldkamer, bomvol beeldschermen. Kleurige stippen op het scherm –”radarblips”– geven exact weer wat er boven het missiegebied, het noordelijk deel van Europa, in de lucht hangt. Civiel en militair, vriend en vijand.

De Awacs zet koers richting Denemarken. Tijdens de trainingsmissie ”Magic51” simuleert de NAVO een luchtgevecht tussen blauw en rood, tussen vriend en vijand. Vier Zweedse Gripens, twee Duitse Tornado’s en twee Deense F-16’s meten vandaag hun krachten.

Een hardnekkige systeemstoring gooit echter roet in het eten. De Awacs-techneuten krijgen een computersysteem niet opgestart. Ook een herstart mag niet baten. De missie dreigt als ”mission impossible” in het water te vallen.

Onverwacht neemt de trainingsvlucht een wending. De radar neemt boven de Atlantische Oceaan, in de richting van de Noordzee, twee niet-geïdentificeerde toestellen waar. De Awacs-bemanning staat direct op scherp.

Twee Britse Eurofighters stijgen pijlsnel op. Deze Quick Reaction Alert (QRA) moet de onbekende toestellen onderscheppen en identificeren. ”Scramble”, in vakjargon. Een andere NAVO-Awacs, dicht bij Schotland, coördineert de actie. Een Engels tankvliegtuig, ook met een QRA-taak, kiest kort daarop het luchtruim om de jagers later bij te tanken.

De indringers blijken twee Russische bommenwerpers –type TU-95– te zijn, Bears in NAVO-jargon. Viermotorig, geschutskoepel in de staart. De propellertoestellen zetten onverstoorbaar koers richting Denemarken. Twee Deense F-16’s met een QRA-taak stijgen op om de Britten af te lossen.

Tactisch commandant Kees Pauw volgt de Russen via zijn beeldscherm op de voet. De luitenant-kolonel geeft de gezagvoerder van het onbewapende radarvliegtuig opdracht zich uit de voeten te maken. Veiligheid boven alles.

Twee gele stippen glijden over het scherm, gevolgd door twee groene. „De Denen zitten nu vlak achter de Russen.” Kolonel Van Happen klikt op zijn scherm een ‘Rus’ aan. Strategische info plopt open. „Hoogte 8,5 kilometer, snelheid 500 km/uur.”

De Russen zakken met hun viermotorige propellerkisten steeds verder af naar het zuiden. Langzaam naderen ze het zogenaamd Nederlandse verantwoordelijkheidsgebied, een stuk Noordzee en een strook van pakweg 150 kilometer boven de Waddenzee.

De Koninklijke Luchtmacht komt in actie, net als twee weken geleden bij een verdacht Spaans passagiersvliegtuig. Vanaf de Vliegbasis Volkel stijgen twee F-16’s op om –op topsnelheid– de Russen te onderscheppen. Nieuw-Milligen neemt hierbij de leiding. De Nederlanders lossen even later de Denen af.

De tactisch commandant voert koortsachtig overleg met NAVO-commandocentra. „Een Awacs mag niet ongecoördineerd gebruikmaken van alle frequenties in het Nederlandse luchtruim”, legt Van Happen uit. „Daarvoor is speciale toestemming nodig. Ook al maakt Nederland deel uit van het bondgenootschap.”

De Russen duiken gemiddeld zo’n vijf keer per jaar op. Via de Noordkaap, om IJsland heen, richting Engeland, Noorwegen en Denemarken, of naar Duitsland en Nederland. „Waarschijnlijk een actie om te imponeren”, vermoedt Pauw. „Een soort ”show the flag”.”

De tactisch commandant sluit ook niet uit dat de Russen de reactiesnelheid van de NAVO testen. „Of ze komen poolshoogte nemen in Den Helder. Even kijken wat daar allemaal ligt.” Voor de NAVO geldt hetzelfde. „Ook wij zijn bezig met show the flag.”

Gespannen
Gespannen volgt de Awacs-bemanning de verrichtingen van de Russen. De Bears vliegen op een dikke 100 kilometer afstand van Den Helder. „We zijn nu bezig met de luchtvaartpolitionele taak van de NAVO”, legt Van Happen, de een na hoogste baas van de Awacs-eenheid, uit. „Als ze Nederlands territoriaal gebied schenden, 16 kilometer uit de kust, mag de luchtmacht optreden.”

De F-16’s kunnen de Russen vanaf dat moment dwingen ze te volgen, de koers te verleggen of te landen. „Ze kunnen er bijvoorbeeld vlak voor langs scheren”, aldus Van Happen. „Maar zonder krassen te maken.” In het uiterste geval kan een piloot een waarschuwingssalvo afvuren

Ombuigen
Zover laat de bemanning van de bommenwerper het echter niet komen. Halverwege de Noordzee buigt het Russische duo af naar het noordwesten. De inmiddels bijgetankte Britten nemen de QRA-taak weer van de Nederlanders over en begeleiden de bommenwerpers naar huis.

De NAVO-inzet met acht gevechtsjagers, twee radarvliegtuigen, een tankvliegtuig en her en der een commandopost voor twee binnendringers kost een vermogen. Duur geintje van de Russen.

Awacs bewaakt dertig jaar het luchtruim

Awacs van de NAVO bewaken dertig jaar het luchtruim van het bondgenootschap. Niet onverdienstelijk. De Libiërs en Afghanen kunnen erover meepraten.

De NAVO telt zeventien vliegende radarstations van het type E-3A, Awacs in de volksmond. Deze omgebouwde Boeings 707 doen dienst als Airborne Warning en Control Sys­tem.

De toestellen, met een enorme schotel op hun rug, zijn sinds 1982 gestationeerd op de NAVO-vliegbasis Geilenkrichen, vlakbij Heerlen. Op de basis werken 2900 mensen, 16 nationaliteiten, 47 Nederlanders.

De commandant van Geilen­kirchen is afwisselend een Duitser en een Amerikaan. De plaatsvervangend commandant is altijd een Nederlander, op dit moment kolonel Ton van Happen. Nederland krijgt de plek vanwege de geluidsoverlast van de Boeings voor Limburg.

Geilenkirchen is de Main Operating Base, de thuishaven. De toestellen maken echter ook gebruik van vooruitgeschoven posten op de luchtmachtbases Trapani (Sicilië), Aktion (Griekenland), Konya (Turkije) en Oerland (Noorwegen).

De Awacs-vliegtuigen zijn sterk verouderd, maar vanbinnen hypermodern. Met verschillende updates zijn de radarvliegtuigen verschillende keren gemoderniseerd. „We kunnen tegenwoordig onderling chatten”, verklaart kolonel Ton van Happen.

De communicatie- en observatiesystemen van de Awacs zijn supergevoelig. „We kunnen vanaf 10 kilometer hoogte nog een dode walvis detecteren.”

Met het wegvallen van de Koude Oorlog is de taak van de Awacs veranderd van lucht­verdediging naar ondersteuning van NAVO-missies. Het werk­terrein is verbreed van het NAVO-grondgebied naar wereldwijde inzetbaarheid.

De NAVO zette de radarvliegtuigen vorig jaar in bij het handhaven van de no-flyzone in Libië. De Awacs dirigeerden tijdens 247 vluchten en 2125 vlieguren NAVO-jagers naar Libische doelen en controleerden zee en luchtruim. „Zonder Awacs had deze missie niet zo succesvol kunnen verlopen”, aldus tactisch commandant Kees Pauw.

In Afghanistan staan per­manent twee exemplaren. Dankzij de inzet van de vliegende radarstation is de reactiesnelheid bij gewapende confrontaties op de grond fors toegenomen en redt levens van militairen op de grond.

De twee Awacs zijn uitgerust met een detectiesyteem dat raketten met infraroodstralen moet afleiden van het toestel. „Anders mogen ze Afghanistan niet in.”

De Awacs zijn niet overal graag geziene gasten. Schinveld klaagt steen en been over geluidsoverlast. Het aantal klagers is echter –met een kwart minder vluchten in 2011– meer dan gehalveerd: van 642 in 2010 tot 304 in 2011. De klachten daalden van 32.000 naar 19.000.

(Reformatorisch Dagblad, 12 september 2012)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen