dinsdag 22 mei 2012

Libië: eindevaluatie Operatie Unified Protector

(Onderstaand de conclusies van de 21 pagina's tellende eindevaluatie d.d. 27-04-2012, zoals die aan de Tweede Kamer is aangeboden)

Conclusies

OUP is een succesvolle operatie geweest en geslaagd in het behalen van de gestelde doelen: het bescherming van de burgerbevolking en het handhaven van een vliegverbod en een wapenembargo en is hierin succesvol geweest. Nederland heeft met de geleverde bijdrage op sterke en evenredige wijze gestalte gegeven aan de bondgenootschappelijke verantwoordelijkheid en bijgedragen aan het slagen van deze operatie.

Tijdens OUP was er sprake van een goede internationale samenwerking met betrekking tot de situatie in Libië in en tussen verschillende fora, inclusief de speciaal daartoe gevormde CGL. Het multilaterale besluitvormingsproces binnen de NAVO in aanloop naar OUP nam tijd in beslag, maar de besluitvorming binnen de NAVO was vanaf het moment dat tot de operatie was besloten, efficiënt en slagvaardig. De NAVO heeft kunnen laten zien dat het ondanks druk op het bondgenootschap goed in staat is om de eenheid te bewaren. Bij deze besluitvorming zijn in de aanloop naar en tijdens OUP ook partnerlanden en landen uit de regio betrokken. Deze betrokken partijen hebben zich ingezet om de gestelde OUP doelstellingen ook daadwerkelijk te halen. Aan de operatie is politiek en met inzet van militaire middelen bijgedragen door landen uit de regio.

De uitzending van Nederlandse eenheden berustte op een duidelijk en breed gedragen internationaal mandaat. De door de regering vastgestelde Nederlandse opdracht was daarvan afgeleid. De aard en omvang van de Nederlandse bijdrage is bepaald op basis van primair een politieke afweging, daarbij rekening houdend met militaire mogelijkheden en vervolgens financiële overwegingen en was gebaseerd op de behoeftestelling van de NAVO.

De op basis van de VN resoluties geformuleerde opdracht was duidelijk en uitvoerbaar. Nederland kon daar waar nodig op politiek, strategisch en uitvoerend niveau de Nederlandse activiteiten in de operatie beïnvloeden.

Het Operatieplan en de daarbij benodigde eenheden, bevelstructuur en geweldsinstructies waren passend voor het behalen van de doelstelling van OUP. Zowel de operationele als de niet operationele risico’s zijn voorafgaande en tijdens OUP geïnventariseerd en geëvalueerd. Daar waar nodig zijn maatregelen genomen om het risico te beheersen en te verlagen. Tijdens OUP is door de Nederlandse eenheden geen onaanvaardbaar risico gelopen of genomen.

De Nederlandse eenheden waren voorbereid, beschikbaar en geschikt voor het uitvoeren van de opgedragen werkzaamheden in het kader van OUP. Gebleken is dat het uitvoeren van een dergelijke operatie gevolgen kan hebben voor de training en gereedstelling van eenheden die niet deelnemen aan de missie.

Zowel op nationaal niveau als op internationaal niveau heeft coördinatie tussen departementen en internationale instanties geleid tot een samenhangende aanpak, zowel op militair als op politiek en humanitair gebied.


(ministerie van Defensie, 22 mei 2012)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen